Azobé in het kort
Azobé komt uit West en Centraal Afrika en is een van de zwaarste houtsoorten die in de waterbouw en de grond-, weg- en waterbouw worden toegepast. Met een dichtheid van ruwweg 1.000 kilo per kubieke meter is het uitgesproken massief. Het hout valt in de hoogste duurzaamheidsklasse en houdt zich onder natte en wisselende omstandigheden uitstekend.
Die eigenschappen maken het geschikt voor de zwaarste toepassingen: rupskranen, intensief bouwverkeer en schotten die jarenlang van project naar project meegaan. Het gewicht is tegelijk het nadeel, want een azobé draglineschot is fors zwaarder dan hetzelfde schot in een lichtere houtsoort. Ook heeft azobé de neiging om aan de kopse kanten te scheuren, wat de constructie zelden aantast maar wel zichtbaar is.
Basralocus in het kort
Basralocus, ook wel angelique genoemd, komt uit Suriname en Frans-Guyana. Het hout is met ongeveer 750 tot 800 kilo per kubieke meter merkbaar lichter dan azobé, terwijl het nog steeds in de bovenste duurzaamheidsklassen valt. In de Nederlandse waterbouw is het een vertrouwde soort, veel toegepast in steigers, damwanden en bruggen.
Voor draglineschotten betekent dat een schot dat makkelijker te hanteren is en dat zich rustiger gedraagt: minder scheurvorming en een goede vormvastheid. De slijtvastheid ligt lager dan bij azobé, wat vooral merkbaar wordt bij zeer intensief gebruik met rupsvoertuigen. Meer eigenschappen staan op de pagina over basralocus draglineschotten.
De verschillen naast elkaar
| Kenmerk | Azobé | Basralocus |
|---|---|---|
| Herkomst | West en Centraal Afrika | Suriname en Frans-Guyana |
| Dichtheid | Circa 1.000 kg per m³ | Circa 750 tot 800 kg per m³ |
| Duurzaamheid | Hoogste klasse | Hoog, net onder azobé |
| Slijtvastheid | Zeer hoog, ook onder rupsen | Hoog, minder bij extreem intensief gebruik |
| Gewicht per schot | Zwaar, vraagt om stevig hijsmaterieel | Merkbaar lichter bij dezelfde maat |
| Vormvastheid | Scheurt eerder aan de kopse kanten | Rustiger, minder scheurvorming |
| Levensduur bij zwaar werk | Zeer lang | Lang |
| Prijsniveau | Bovenin de range | Iets lager dan azobé |
Welke past bij uw project
Gaat het om rupskranen, heiwerk of een werkweg waar dagelijks zwaar transport overheen gaat, dan is azobé de veiligste keuze. Het hout incasseert die belasting jarenlang en de hogere aanschaf verdeelt zich over veel projecten. Welke dikte en lengte daarbij nodig zijn, hangt af van het materieel en de ondergrond, waarover meer staat op de pagina over draagkracht van draglineschotten.
Voor middelzware toepassingen, tijdelijke toegangswegen en situaties waarin de schotten regelmatig verplaatst moeten worden, weegt het lagere gewicht van basralocus vaak zwaarder dan het verschil in slijtvastheid. Ook een combinatie komt voor, of een hardhout mix waarin verschillende soorten samen in één schot verwerkt zijn. Een indicatie van de prijsverschillen staat op de pagina met draglineschotten prijzen.
Veelgestelde vragen
Azobé is dichter, zwaarder en slijtvaster. Basralocus is lichter en vormvaster, met een iets lagere slijtvastheid.
Bij zeer zware en intensieve belasting azobé. Bij middelzwaar gebruik ontlopen ze elkaar in de praktijk minder dan het verschil in klasse doet vermoeden.
Ja. Bij dezelfde maat weegt een basralocus schot merkbaar minder, wat scheelt bij projecten waar de schotten vaak opschuiven.
Dat hoort bij de hoge dichtheid van het hout en ontstaat door droging. Het is meestal cosmetisch en zegt weinig over de draagkracht.
Ja, beide houdt zich goed onder natte omstandigheden en worden daarom veel toegepast in de waterbouw.
Basralocus ligt doorgaans iets lager in prijs dan azobé. Over de gebruiksduur gerekend kan azobé bij zwaar werk juist gunstiger uitpakken.